Puntmutaties: Kleine foutjes in het DNA
Iets meer dan een kwart van de Duchenne patiënten (28%) hebben een kleine mutatie. Hierbij zijn alle exonen gewoon aanwezig, maar is een van de bouwstenen van het DNA (en dus het RNA) veranderd (Figuur 1). Door deze verandering ontstaat er een vroegtijdig stop signaal, zodat het eiwit niet afgemaakt kan worden.

Naast puntmutaties, kan het ook gebeuren dat één of twee DNA bouwstenen verdwijnen of extra worden toegevoegd in een exon. Dit heeft een verschuiving van de genetische code tot gevolg (net als bij een deletie of duplicatie). Ten slotte kunnen kleine mutaties ook de splicing (het samenvoegen van alle exonen) verstoren. Het begin en einde van alle intronen bestaan uit een bepaalde combinatie van bouwstenen, die herkend worden door de splicing machine (Figuur 2). Wanneer een van deze bouwstenen verandert zal een exon niet meer herkend worden en kan de genetische code worden verstoord (Figuur 3 en 4).


